Je gazon ziet er in de zomer prima uit, en ineens ligt er een stuk dat je als een tapijtje kunt oprollen. Vaak zijn engerlingen de dader, maar niet altijd. Met dit stappenplan stel je rustig vast wat er speelt en wat je er dan aan kunt doen.

Stap 1: Kijk wanneer het probleem begint

Engerlingen zijn de larven van kevers, zoals de rozenkever, de tuinkever en de meikever. Ze eten van de wortels van het gras. De schade zie je meestal in de late zomer en het najaar, ruwweg van augustus tot in oktober. Verschijnen de plekken midden in de winter of in het vroege voorjaar, dan is de kans groter dat er iets anders aan de hand is, zoals droogte, schimmel of hondenurine.

Noteer ook of het gras eerst slap werd en daarna geel. Bij engerlingen groeit het gras niet meer vast, terwijl de rest van het gazon er nog redelijk uitziet.

Stap 2: Controleer of de zode loskomt

Pak een stukje gras bij een aangetaste plek vast en trek er voorzichtig aan. Zit het gras vast, dan zijn de wortels gezond en kijk je naar een andere oorzaak. Komt de zode in je hand los, zonder weerstand, dan zijn de wortels waarschijnlijk afgevreten.

Je hoeft hiervoor niets te gebruiken behalve je handen. Heb je twijfel, ga dan door naar de volgende stap.

Stap 3: Let op vogels, dassen en andere graafwerk

Kraaien, eksters en spreeuwen weten vaak eerder dan jij dat er iets te halen valt. Zie je dat vogels het gazon omwoelen of stukken zode wegtrekken, dan zit er mogelijk voedsel onder. In sommige streken zijn ook mollen, dassen of vossen er actief. Dat graafwerk is zelf soms de grootste schade.

Vogelschade alleen bewijst nog niets. Vogels zoeken ook naar emelten of regenwormen. Combineer deze aanwijzing daarom altijd met stap 2 en stap 4.

Stap 4: Steek een zode uit en zoek de larve

Dit is de beslissende controle. Steek aan de rand van een kale plek een vierkant van ongeveer 30 bij 30 centimeter uit, tot circa 10 centimeter diepte, en vouw het open. Kijk in de grond en tussen de wortels.

Een engerling herken je aan deze kenmerken:

  • een dik, wit tot crèmekleurig lijfje in de vorm van een C
  • een bruine kop met duidelijke pootjes aan de voorkant
  • meestal opgekruld in de grond, vlak onder de graswortels

Vind je er maar enkele, dan is de schade vaak beperkt. Vind je er meerdere per vierkant, dan heb je een serieus probleem. Zie je slanke, grijsbruine larven zonder pootjes, dan gaat het om emelten, en die vragen een andere aanpak.

Stap 5: Kies het juiste moment voor aaltjes

Is vastgesteld dat het om engerlingen gaat, dan komt de timing aan bod. Biologische bestrijding met aaltjes (nematoden) werkt alleen als de larven actief zijn en de bodem warm genoeg is. Aaltjes zijn zelf levende organismen: ze dringen de larve binnen en doden die. Ze doen dat niet bij kou en niet in een uitgedroogde bodem.

Daarom zet je ze in aan het einde van de zomer of het begin van de herfst, wanneer de jonge larven nog dicht onder de oppervlakte zitten en de grond nog niet te koud is. Houd de temperatuurindicatie van het product in de gaten, want die verschilt per soort aaltje. Wil je weten hoe dat in de praktijk gaat, lees dan hoe je Engerlingen bestrijden kunt doen met aaltjes, inclusief de uitleg over verdunnen, gieten en vochtig houden.

Stap 6: Breng ze goed aan en help het gazon herstellen

Een paar praktische regels maken het verschil:

  • Gebruik de aaltjes direct na ontvangst, want ze zijn levend en niet lang houdbaar.
  • Breng ze bij voorkeur aan in de avond of bij bewolkt weer, want zonlicht en uitdroging doen ze geen goed.
  • Maak het gazon vooraf goed nat en houd het in de weken erna vochtig.
  • Strooi of giet gelijkmatig, ook net buiten de zichtbare schade, want larven verplaatsen zich.

Zaai de kale plekken pas bij als het gras weer vastzit of je de schade hebt gestopt. Een dun laagje compost en wat graszaad helpen de zode terug te komen. Geef geen garantie op één behandeling: kijk na enkele weken opnieuw met een uitgestoken stukje zode of het aantal larven is afgenomen.

Zo houd je het gazon op de lange termijn gezond

Kevers leggen hun eitjes het liefst in kort, droog gras. Een gazon dat wat langer blijft staan en in droge periodes water krijgt, is minder aantrekkelijk. Controleer in het najaar daarom één keer een paar plekken, ook als alles er goed uitziet. Hoe eerder je de larven vindt, hoe kleiner de schade blijft en hoe makkelijker het herstel.

Over auteur

Ik ben Jasper Veenhuis, jouw go-to expert op het gebied van huisinrichting, doe-het-zelf klussen en woondecoratie. Mijn passie ligt in het creëren van een thuis waar stijl en comfort samenkomen. Met mijn achtergrond in interieurontwerp en ruime ervaring in het renoveren van woningen, deel ik graag mijn kennis en praktische tips met jou op De Woonwijzer. Ik ben er om ingewikkelde klusconcepten te vertalen naar begrijpelijke en uitvoerbare stappen. Mijn artikelen zijn bedoeld om jou te inspireren en te begeleiden bij het omtoveren van jouw woonruimte tot een plek waar je je echt thuis voelt.

Je kan misschien ook genieten van: