
Je tuin is voor veel mensen een verlengstuk van de woonkamer. Je zet er de loungeset neer, de kinderen spelen er en op zomeravonden eet je buiten. Des te vervelender is het als het gazon ineens vol bruine plekken zit die niet groen worden, hoeveel water je ook geeft. Droogte is dan niet altijd de verklaring. Vaak zit het probleem een paar centimeter onder de grond, in de vorm van engerlingen.
Wat zijn engerlingen?
Engerlingen zijn de larven van verschillende soorten kevers. In Nederlandse tuinen gaat het vaak om de meikever, de junikever of de rozenkever. De larven zijn makkelijk te herkennen. Ze zijn wit tot crèmekleurig, hebben een bruin kopje en liggen meestal in een kenmerkende C-vorm opgerold. Ze leven in de bovenste laag van de bodem en voeden zich met plantenwortels, en graswortels staan daarbij hoog op het menu.
Afhankelijk van de soort kan een engerling een tot meerdere jaren in de grond doorbrengen voordat hij zich verpopt en als kever tevoorschijn komt. In die tijd groeit hij flink, en eet hij ook steeds meer.
De signalen in je gazon
Omdat engerlingen de wortels wegvreten, verliest het gras zijn houvast en zijn toegang tot water. Het gevolg zijn gele of bruine plekken die vaak rond van vorm zijn en geleidelijk groter worden. Een typisch kenmerk is dat de graszode op die plekken los komt te liggen. Je kunt hem soms bijna als een tapijt oprollen, omdat er nauwelijks nog wortels in de grond zitten.
Een tweede signaal komt van buiten. Vogels als kraaien, eksters en spreeuwen weten precies waar de larven zitten en pikken het gazon open om ze eruit te halen. Ook dassen kunnen het gras flink omwoelen op zoek naar dit voedsel. Zie je plotseling veel vogels op één plek in het gras, of ligt je gazon er ‘s ochtends omgewoeld bij, dan is dat een duidelijke aanwijzing.
Twijfel je, steek dan op de rand van een bruine plek een stuk zode los en kijk in de bovenste laag grond. Vind je daar meerdere witte, gekromde larven, dan weet je genoeg.
Waarom een snelle aanpak loont
Een paar engerlingen in een gazon zijn geen ramp. Maar bij een grotere populatie loopt de schade snel op, vooral in het voorjaar wanneer de larven na de winter weer actief worden en flink eten. Bovendien trekken de larven dieren aan die het gazon verder beschadigen tijdens hun zoektocht. Wie wacht, heeft daarna vaak een groter herstelproject aan het gras.
Engerlingen bestrijden met nuttige aaltjes
Wil je engerlingen bestrijden zonder chemische middelen, dan zijn nuttige aaltjes een milieuvriendelijke optie. Dat zijn microscopisch kleine rondwormen die van nature in de bodem voorkomen. Voor engerlingen wordt de soort Heterorhabditis bacteriophora gebruikt. Deze aaltjes dringen de larven binnen en brengen daar een bacterie in die de engerling doodt. Daarna vermenigvuldigen ze zich in de larve en gaan ze op zoek naar de volgende.
Voor mensen, huisdieren en planten zijn deze aaltjes niet schadelijk. Je kunt dus gewoon in je tuin blijven leven terwijl ze hun werk doen.
Het juiste moment en de juiste omstandigheden
Aaltjes zijn levende organismen, en dat betekent dat de omstandigheden moeten kloppen. De bodem moet warm genoeg zijn, want in koude grond worden ze niet actief. Voor deze soort wordt doorgaans een bodemtemperatuur van minimaal ongeveer twaalf graden aangehouden. In de praktijk vallen de beste momenten daarom in het voorjaar, rond april en mei, en in de nazomer, rond augustus en september. Wil je zeker zijn van het moment, meet dan de bodemtemperatuur met een eenvoudige grondthermometer.
Daarnaast is vocht cruciaal. Maak het gazon voor het uitzetten goed nat en houd de grond daarna een paar weken vochtig, zodat de aaltjes zich door de bodem kunnen verplaatsen. Te veel water is ook niet goed, plassen op het gras zijn dus niet de bedoeling. Zet de aaltjes bij voorkeur ‘s ochtends vroeg of ‘s avonds uit, of op een bewolkte dag, omdat ze slecht tegen fel zonlicht kunnen. Bij een flinke plaag is een herhaling na een paar weken vaak nodig.
Het gazon weer laten herstellen
Zijn de engerlingen onder controle, dan kun je aan het herstel werken. Hark dode graspollen weg, maak de bovenlaag losser en zaai de kale plekken opnieuw in. Een gezond, goed beluchte gazon zonder overbemesting is minder aantrekkelijk voor kevers om eitjes in te leggen. Door ieder jaar alert te blijven op de eerste signalen, voorkom je dat je tuin opnieuw het speelveld wordt van deze ondergrondse vraatzuchtige larven.
